SLUIT BROWSER

 

Kapitaalvlucht

We waren een klein half uur onderweg, klimmend over de Alpen, toen er een geluid klonk als een pistoolschot. Meteen was alles donker... “Shit! Johan!! Wat gebeurt er!?” Paniek overviel me. “Ik hou ‘m niet Mario, we zakken...!” Godskolere! In de wolken, met een kreupel vliegtuig boven de Alpen. Geen zicht en we daalden. Hoeveel tijd nog? Minuten? Seconden? Het zou in een flits afgelopen zijn. Ik voelde mijn hart achter in mijn keel bonzen. Terug kan niet, omhoog kan niet, we zakken, radio’s dood… wij dadelijk óók... “Achterin, de noodradio,” schreeuwde Johan. “Ga halen man!” Radeloos keek ik achterom. Bankbiljetten, honderden miljoenen euro’s, verpakt in dozen, tot de nok toe. “Mario, flikker de hele zooi naar buiten…

 

Onderweg van Wenen naar Rotterdam in een tweemotorige Mitsubishi. Deze sexy ogende machine wordt heel vaak ingezet voor kleine, kostbare vrachten. Denk aan transplantatie-organen, radioactieve stoffen, kostbaarheden als diamanten, verzegelde diplomatenkoffertjes, enz. Deze keer was de cabine stampvol geladen met dozen bankbiljetten. We konden geen kant op in onze kleine cockpit: Johan captain, 3.600 uren in zijn boekje, ik copiloot met 1.950 uren op de teller.

 

Domme pech.

Het was een zwaarbewolkte nacht. Alles ging volgens verwachting: de twee Garrett TPE331 turboprop motoren ronkten mooi gelijkmatig, regelmatig liet ik mijn ogen over het instrumentarium gaan, stelde de cockpitverlichting iets bij, checkte heading en hoogte, oliedruk en temperatuur en ging weer gemakkelijk onderuit zitten. We waren een klein half uur onderweg, klimmend over de Alpen, toen er een geluid klonk als een pistoolschot. Meteen was alles donker. Ik schrok me wezenloos. De instrumenten waren niet meer te zien en het toestel dat net nog volkomen rustig het luchtruim doorkliefde, trilde enorm. Ik schudde in m’n stoel als een lappenpop in een wasdroger. “Shit! Johan!! Wat gebeurt er!?” Ik zag haast geen hand voor ogen, paniek overviel me. Johans enige reactie bestond uit een aantal handelingen om de kist in elk geval horizontaal te laten vliegen. Koel en zakelijk, zo is Johan. Als hij vliegt leidt niets of niemand hem af. Hij vliegt. Het schudden hield aan. Ik hing scheef in mijn stoel te trillen van de zenuwen. Uitgevallen motor? Door het dichte wolkendek en het gebrek aan verlichting, kreeg ik geen beeld van de situatie. Angst vlijmde door mij heen. “Johan..!” piepte ik. “Ik hou ‘m niet Mario!” Hij klonk ernstig, zijn stem trilde. Oh shit! Dat was ik niet van hem gewend. Johan was altijd ‘in control.’ “Hoezo, ik hou ‘m niet?” vroeg ik benepen en ik trok het stuur naar mij toe om te constateren dat dat zinloos was.. “We zakken...!” Ik voelde het prikkelen op mijn haargrens, mijn rug, nat van zweet. “Wat is de minimum safe altitude hier..?” Mijn hand ging naar de kaart op mijn knie om de veilige vlieghoogte, die in kleine lettertjes wordt weergegeven, af te lezen. Onmogelijk zonder licht…

 

Einde oefening?

Een harde wind joeg door de cockpit maar het schokken hield plotseling op, onze machine leek stabiel. Kennelijk vlogen we op één motor. Af en toe scheen nu wat maanlicht door de wolken, te weinig om het instrumentenpaneel te kunnen scannen. In het flauwe licht zag ik de rechtermotor half uit de motorgondel hangen! Godskolere! In de wolken, met een kreupele machine boven de Alpen. Geen zicht en we daalden. Hoeveel tijd nog? Minuten? Seconden? Het zou in een flits afgelopen zijn. Beelden van thuis. Barbara en het spannende kadootje in lila vloeipapier dat ik in Wenen voor haar had gekocht. De kleine Sofie die net haar eerste tandje krijgt. Tranen springen in mijn ogen. Godskolere..! “Mario, ik móet wat zien; ik heb geen horizon, geen hoogtemeter.. zaklantaarn! Ik vlieg nu alleen op het bolkompas.” Ik tastte in de zijzak van mijn stoel naar de lamp. Niets! Mijn hart begon sneller te slaan, ik voelde het achter in mijn keel bonzen. “Dat ding is pleite!” gilde ik over de loeiende wind heen. Terug kan niet, omhoog kan niet, we zakken, radio’s dood… wij dadelijk óók... “Achterin, mét de noodradio,” schreeuwde Johan terug. “Ga halen man!” Radeloos keek ik achterom. Bankbiljetten, honderden miljoenen euro’s, keurig verpakt in dozen, tot de nok toe. Ik kon niet bij de lantaarn en de noodradio, met geen mogelijkheid!

 

Dan maar de lucht in.

“Mario, flikker de hele zooi naar buiten; wie weet hou ik ‘m dan op hoogte…” Op één motor vliegen, is goed te doen... als je niet te zwaar bent. Maar dat waren we dus wél! Achter me, een muur van papier. Boven de dozen, in het dak zag ik nu een groot gat. Dáár kwam die wind vandaan! Achterstevoren in de kleine ruimte begon ik pakken bankbiljetten naar buiten te duwen. We zakten intussen steeds verder, de dodelijke diepte tegemoet. Er was nu wat ruimte; ik werkte als een idioot hele dozen bankbiljetten naar buiten totdat ik mij in de ontstane ruimte naar achteren kon wringen. Het werk had me afgeleid van de stresssituatie, ik was een beetje tot rust gekomen. We vlògen nog, we waren niet gecrasht, wie weet.. Ik vond de lantaarn en de noodradio. Achterin ontgrendelde ik de zijdeur. Met veel moeite perste ik een groot deel van de lading naar buiten, er bleef niet veel over. Ik haastte mij terug naar voren. Bij het licht van de zaklantaarn op het instrumentenpaneel, glimlachte Johan bijna gelukkig. In control. “Okay, Mario! We zakken niet meer. Even tijd om adem te halen..."

 

Mooi hoor, bergen…

Eén motor uitgevallen. Instrumenten bewegingloos. Geen radio. In het stikkedonker. In de wolken. Boven de Alpen! Klimmen onmogelijk. Positie onbekend. Misselijk van angst. Nog steeds kon elke seconde de definitieve klap vallen. Ik probeer mijn paniek te bedwingen. De handradio... Kan het trillen van mijn handen niet beheersen… frequentie… probeer de noodfrequentie in te toetsen…kalm kalm..! “May Day, May Day, May Day…Ah...!" Dank je God! Vienna radar! De Oostenrijkse verkeersleiding ziet ons op hun radar! Zwalkend tussen de bergtoppen, de handradio aan het oor, vliegend op het bolkompas, geef ik de instructies van de radarmensen in Wenen door aan Johan.

 

Safe.

Eenmaal boven het vlakke land zakten we onder de wolken uit. Op één motor en onder radarbegeleiding landden we op een helder verlicht vliegveld, honderden miljoenen euro’s lichter, nog een half uur lang trillend op onze benen. Uitgeput maar levend. Buiten zagen we pas goed wat er gebeurd was. Een propellerblad van de stuurboordprop was onderweg afgebroken, had ons toestel doorboord en daarbij vitale kabels doorgesneden. De propeller, nu ernstig uit balans, had de motor losgetrild en die hing nu half uit zijn ophanging. Ook toen pas werd duidelijk hoe Johan wist dat de lantaarn en de noodradio achterin de start lagen. Organiek hoorden die in de stuurhut, in een zijzak naast de copiloot te zitten.

 

Wie betaalt de rekening?

Johan: “Vlak vóór we taxieden in Wenen riep de loadmaster me na dat hij de radio en de lantaarn van nieuwe batterijen had voorzien en op het laatste moment nog achterin had gegooid... We waren al laat dus ik vond het niet de moeite waard om de motoren te stoppen en uit te stappen.” Langzaam daalde het besef in dat er consequenties waren, gevolgen die een waarde vertegenwoordigden van honderden miljoenen euro’s…

 

SLUIT BROWSER

©LeTigre b.v. All Rights Reserved - Nuyten Communicatie - Webdesign Holland